Revue Blanche

programma

Misia

programma

Auric *

Six Poèmes De Paul Éluard

Durey *

Six Madrigaux De Mallarmé

Casella *

L’adieu À La Vie

IV Dans Une Salutation Suprême

Ravel **

Sonatine

Duparc 

Extase

Satie *

Trois Morceaux En Forme De Poire

Manière De Commencement

En Plus

Satie *

Daphanéo

De Sévérac *

Les Hiboux

Temps De Neige

L’infidèle

Un Rêve

* Arr.: Frederik Neyrinck
** Arr.: Skaila Kanga
 

Misia Sert (1872-1950) was de ‘koningin van de Parijse salons’, maar ook die van gebroken dromen en woelige liefdes. Haar leven vol glorie en tragiek inspireerde talloze kunstenaars, van Proust en Renoir tot Diaghilev en Coco Chanel. Aan het begin van de 20ste eeuw was de Belgisch-Poolse Misia een spilfiguur in de Franse muziekwereld. Vandaag zijn velen haar buitengewone verhaal vergeten.

Dit concertprogramma is de muzikale spin-off van de productie 'Misia & Katharina' waarvoor Revue Blanche samenwerkte met radiomaakster Katharina Smets en musicologe Sofie Taes. De expeditie door Misia’s leven, liefdes en andere lotgevallen leverde een schat aan onbekend maar interessant repertoire op waarvan een selectie tot dit muzikale eerbetoon werd gesmeed. Van dit programma werd in het najaar 2021 een CD uitgebracht bij Antarctica Records.

Echo

programma

Poulenc *

Huit chansons polonaises

Weinberg

Trio

Delage *

Ragamalika

Ravel **

Chansons madécasses

Ravel *

Deux melodies hébraïques

* Arr.: Frederik Neyrinck
** Arr.: Revue Blanche

'Een soort kwartet waarvan de stem de hoogste partij voor zijn rekening neemt', duidde Maurice Ravel de ongewone bezetting van zijn Chansons Madécasses of ‘Madagascar-liederen’. Ze regeert met brio, de sopraan, nu eens sensueel wervelend dan weer gevaarlijk en provocerend, in verhalen van verdrukking en vrijheidsdrang van de Creoolse dichter Évariste de Parny. Empathisch en eigenzinnig verkende Ravel ook de Joodse muziektradities. Zijn Deux mélodies hébraïques zoemen via contrasterende klanksferen in op spiritualiteit en existentialisme. Voor Maurice Delage was het modieuze oriëntalisme van Ragamalika maar één aspect van zijn bredere spirituele en muziekhistorische interesse in niet-Westerse culturen. Voor Poulenc begon het arrangeren van Poolse volksliederen dan weer als een opdrachtwerk op maat van zijn cliënt, om uiteindelijk een ontroerende ode te worden aan de Poolse bannelingen in Parijs én een onverbloemde liefdesverklaring aan zijn muzikale held, Chopin. Ook Weinbergs Trio spreekt van bewondering en dankbaarheid, in zijn echo’s van Slavische meesters als Shostakovich, Prokofiev en Bartók.

Gestillte Sehnsucht

programma

Brahms *

Clarinet trio op. 114

Adagio

Brahms *

Zwei Gesänge op. 91

Gestillte Sehnsucht

Geistliches Wiegenlied

Eisler **

Dunkler Tropfe

Tanzlied der Rosetta

Der Tod had die Menschen müde getrieben

Nun ist ein Tag zu Ende

Strauss *

Mädchenblumen op. 22

Kornblumen

Mohnblumen

Epheu

Wasserrose

Strauss *

4 Lieder op. 27

Morgen 

Grieg ***

Sechs Deutsche Lieder

Gruss

Dereinst, Gedanke mein

Lauf der Welt

Die verschwiegene Nachtigall

Zur Rosenzeit

Ein Traum

* Arr.: Jelle Tassyns
** Arr.: Frederik Neyrinck
*** Arr.: Koenraad Sterckx

In de caleidoscoop van Revue Blanche verschijnt de Duitse Romantiek niet als een monolithische massa maar als een wervelwind van kleuren, indrukken en emoties. Hartstocht, breekbaarheid en onvervuld verlangen werden door niemand beter in muziek gevat dan door Johannes Brahms. In het werk van Hanns Eisler sluimeren smart, ontreddering en duisternis in een brok ontembare energie. Richard Strauss voert begeerte en escapisme naar het zenit in Morgen: een hunkering naar tijdloos geluk. In zijn Mädchenblumen wordt de vrouw beschreven met een boeket van metaforen: mild en sereen als de korenbloem, monter wiegend als de klaproos, mythisch en fragiel als een waterlelie. Ook Grieg liet zich voor zijn liedœuvre inspireren door de muze waaraan zovele romantische genieën zich hebben gelaafd: de liefde.

Debussy - Van Parys

programma

Debussy *

Trois chansons de Bilitis

Van Parys

Harp Trio

Debussy

Beau soir

Van Parys

Poïèma

Debussy

Sonate pour flûte, alto et harpe

Debussy

‘Mes longs cheveux...’ uit Pelléas en Mélisande

Debussy **

Proses lyriques

* Arr.: Wim Henderickx
** Arr.: Koenraad Sterckx

'Een verrassende dialoog', prees de pers Annelies Van Parys’ opera Usher, die ze creëerde met muziekfragmenten van Claude Debussy als uitgangspunt. Van Parys heeft wat met Debussy. Al delen ze niet hetzelfde vocabularium, ze spreken wel één taal: die van de klank. De één met het oog op lumineuze kleurwolken, de ander gefascineerd door de impact van geluid op de zinnen, hebben ze beiden een penchant voor partituren die met opperste gevoeligheid langs snaren, hout en metaal strijken om hen atmosferische klankconstellaties te ontlokken die onder het vel van de toehoorder kruipen. Met de sonate voor fluit, altviool en harp van Debussy en het harptrio van Van Parys in het hart van het programma, worden poëzie en lyriek, timbres en texturen, verhalen van liefde en lust tot een tijdloos epos geregen. In de ultieme spiegeltruc echoën de antieke verzen van Sappho de faunen van het fin de siècle.

Trio

Repertoirelijst

Brahms

Clarinet trio op. 114

Adagio 

Debussy

Sonate pour flûte, alto et harpe

Debussy

Six épigraphes antiques

Debussy

Suite bergamasque

Van Parys

Harp Trio

Takemitsu

And then I knew ‘twas Wind

Ravel

Sonatine

Granados

El fandango de Candil

Intermezzo

Gubaidulina

Garten von Freuden und Traurigkeiten

Satie

3 Morceaux en forme de poire

Jongen

Deux pièces en trio op. 95

Celis

Trio op. 13

Weinberg

Trio op. 127

Het was Debussy die in 1915 voor het eerst fluit, altviool en harp verenigde in een triosonate. De onuitgegeven klankencombinatie met zijn betoverende, ietwat melancholische palet, zou tal van 20ste-eeuwse componisten tot nieuw werk verleiden. Debussy zelf was maar wat trots op zijn vondst. Maar hij besefte ook dat het publiek aan het zoet-zoute smaakje zou moeten wennen: 'Ik weet niet of je bij dit werk moet lachen of huilen. Misschien wel allebei.'

In dit programma treedt Revue Blanche aan in Debussy’s baanbrekende triobezetting met een waaier aan origineel en gearrangeerd repertoire, reikend van het illustere klarinettrio van Brahms over sleutelwerken van de Belle Époque tot recentere muziek van Tōru Takemitsu en Sofia Gubaidulina (beide in dialoog met Debussy’s Trio) en werk uit de jaren 1970 van Frits Celis en Mieczysław Weinberg. Uit deze eigenzinnige portfolio stelt de programmator zelf zijn ideale concertaffiche samen.

A Page of Madness - extended

UITVOERDERS

Revue Blanche met Tom De Cock (percussie)

MUZIEK

Daan Janssens

TEKST

Dirk De Wachter

FILM

A Page of Madness T. Kinugasa / Y. Kawabata

LIVE ELECTRONICS

Centre Henri Pousseur

PRODUCTIE EN COPRODUCTIE

Revue Blanche, Muziekcentrum De Bijloke & Centre Henri Pousseur

A Page of Madness is het derde multimediale project dat Revue Blanche maakt in opdracht van Muziekcentrum De Bijloke. Ook ditmaal vindt het ensemble zijn inspiratie in de socio-culturele context van het tijdschrift ‘La Revue Blanche’. Het exotisme en meer bepaald de verstilde literatuur van Kawabata staan hier centraal.

In de avant-gardefilm ‘A page of Madness’ uit 1926 (waarvan Kawabata het script schreef) schildert de Japanse cineast Kinugasa de subjectieve waarneming van de bewoners van een op hol geslagen krankzinnigengesticht. Deze film werd 45 jaar verloren gewaand, in 1971 opnieuw uitgebracht en groeide uit tot een cultfilm. Oorspronkelijk werd deze film uitgevoerd met een verteller (‘benshi’) en live muziek. Vandaag wordt deze benshi vervangen door de nieuwe soundtrack van componist Daan Janssens. De luisteraar wordt meegenomen naar een sferisch, kleurrijk en bij momenten bevreemdend sonoor universum. De instrumenten van Revue Blanche worden daarbij versterkt en live elektronisch gemanipuleerd. Het publiek wordt door speakers omringd, waardoor de toeschouwer volledig wordt ondergedompeld in de expressionistische beelden van deze stille arthousefilm.

Epistola posteritati - extended

Uitvoerders

Revue Blanche
Psallentes o.l.v. Hendrik Vandenabeele

Programma

muziek van Landini, Da Bologna en Sciarrino
compositieopdracht aan Michael Pisaro

Meestal ligt de muziek waarin ze uitblinken zo’n half millennium uit elkaar, maar voor dit project gingen Revue Blanche en Psallentes op zoek naar common ground. Die vonden ze op Italiaans grondgebied, met muziek van de enigszins raadselachtige, maar altijd poëtische Salvatore Sciarrino (°1947), en teksten uit het Trecento, zoals van die andere enigszins raadselachtige, maar altijd poëtische Italiaan, Francesco Petrarca (1304-1374). De gemeenschappelijke grond wordt daarnaast ook bewandeld via de New Yorkse componist Michael Pisaro (°1961, en van Italiaanse afkomst), aan wie Psallentes en Revue Blanche speciaal voor deze productie een compositie-opdracht gaven.

Petrarca schreef een brief over zichzelf en zijn ideeën, gericht ‘aan de toekomst’ (Epistola posteritati). Het doet ons mijmeren over hoe wij zelf naar het verleden, het nu en de toekomst kijken — zeker nu we na de wereldwijde COVID-19-crisis noodgedwongen anders omgaan met achterom kijken en vooruit kijken. Inzichten en denkbeelden uit de veertiende eeuw blijven vandaag echter relevant. Wat vroeger onder mensen belangrijk was, is dat nu ook, en zal dat in de toekomst blijven. Jonathan Haidt beschrijft in zijn ‘The Righteous Mind’ (2012) zes basiswaarden die ons ‘moreel kompas’ vormen: eerlijkheid en zorgzaamheid, autoriteit en loyaliteit, vrijheid en heiligheid. Dat onze opinies en onze verlangens, onze woorden en onze daden soms ver uit elkaar liggen, is terug te brengen tot het steeds variërende gewicht dat we aan elk van deze waarden geven. Epistola posteritati gaat over dat moreel kompas. Het project verklankt ons geloof in de menselijkheid — als een force for good. Het is onze artistieke ‘brief aan de toekomst’.

De muziek van de Italiaanse trecento is ons onder meer overgeleverd via de zogenaamde ‘Squarcialupi Codex’, waarin goede bekenden van Petrarca terug te vinden zijn. Psallentes legt zich vooral toe op de opwindende vocale muziek van Jacopo da Bologna, zoals Revue Blanche de boeiende en intrigerende wereld van Sciarrino exploreert. Maar voor het vertrouwde schoeisel ‘oude muziek’ of ‘hedendaagse muziek’ gingen ze wel mekaars leest opzoeken, waaruit een programma bloeit dat niet zomaar mooi, maar vooral intens en doordrongen is.

Misia & Katharina - extended

UItvoerders

Revue Blanche
Katharia Smets (radiomaakster)

Programma

composities van Ravel, Duparc, Holmes, Hillemacher, Casella, Tournier, Godebski, Durey, Auric, Mistinguett en Bruant

arr.: frederik neyrinck

Misia is een muzikale vertelling rond het leven van Misia Sert (1872-1950): de koningin van de Parijse salons, maar ook van de gebroken dromen en ontmaskerde liefde. Haar leven van glorie en tragiek, haar boeiende artistieke netwerk en verschroeiende muzikale passie vormen de rode draad. Revue Blanche en Katharina Smets gaan op zoek naar een verloren tijd: de belle époque waarin zij leefde. Misia had Belgische voorouders, was een spilfiguur in de Franse muziekscène van rond de eeuwwisseling, maar is vandaag niet langer bekend bij het grote publiek. Deze zoektocht naar haar dromen, wensen en desillusies leidt onder meer naar het iconische tijdschrift ‘La Revue Blanche’, mede opgericht in 1889 door Misia’s eerste echtgenoot Thadée Nathanson. Aan de hand van een uitgelezen muziek- selectie en de narratieve soundtrack van radio- en documentairemaker Katharina Smets worden echte en fictieve verhaallijnen verweven tot een unieke kroniek, waarin de realiteit vaak vreemder blijkt dan fictie. In Misia staat het pure luisteren naar muziek, klank en verhaal centraal, ontdaan van opsmuk of visuele afleiding. Deze historische momentopname overstijgt de anekdotiek en confronteert toen en nu via grote thema’s in kleine verhalen.